Zigeuners, een volk dat een zwervend bestaan leidt, zijn moeilijk te fotograferen.

Ze trekken rond, zonder vaste verblijfplaats. Muziek is een van de zaken waarom ze bekend staan. Precies die muziek is waardoor Josef Koudelka aandacht kreeg voor de zigeuners. Koudelka speelt zelf viool en nog goed ook.

Het knappe aan deze fotoserie is dat Koudelka het vertrouwen wist te winnen van een gemeenschap die van zichzelf al gesloten is.

 

De Zigeuners zijn ook in de Tweede Wereldoorlog zwaar vervolgd en toen Koudelka in 1962 startte met deze serie lag dat nog vers in het geheugen. Het is daarom opmerkelijk dat ze een vreemdeling vertrouwden. Het levert een boeiende serie op. We krijgen een intiem inkijkje in een wereld die normaal gesloten blijft. Het alledaagse leven komt voorbij. Muziek, kinderen, gezinsleven, portretten maar vooral een gemeenschap die heel close is. Datgene wat normaal verborgen blijft wordt voor ons zichtbaar.

De serie sloeg enorm aan, de expositie is op veel plekken getoond en van het boek zijn meerdere versies uitgebracht. Koudelka bleef terugkeren naar de Zigeuners. Hij heeft nooit echt uitgelegd wat hem zo aanspreekt. Het enige dat we konden terugvinden is de uitspraak: “Als je de fotos wilt begrijpen, luister dan naar hun muziek”. Het blijft dus wat mysterieus maar dat past misschien wel erg goed bij deze serie.

Tekst: Hans Rutten

 

 

 

 

 

Geef een reactie