Misschien wel de meest intrigerende foto uit de geschiedenis van de beeldtaal is het Penny Picture Display van Walker Evans.

Evans fotografeerde het bord in 1936 op een hete zomerdag in Georgia in de Verenigde Staten.

De foto is gemaakt door een etalageruit van buiten naar binnen bij een lokale studiofotograaf. In de etalage staat een fotodisplay die zijn portretfotografie aanprijst. Je ziet het woord ‘Studio’ staan. Dit zijn de plakletters op de ruit die Evans meeneemt in zijn compositie. Als je de foto bestudeert, zie je een typologische benadering van een gemeenschap van mensen die door de uitsnede uit hun portret-rol zijn getild.

Met deze uitsnede haalt hij het beeld uit zijn originele context en geeft het een nieuwe betekenis. Penny Picture Display is popart, maar het was helaas twintig jaar te vroeg. De foto is in de late jaren dertig gepubliceerd in Fortune magazine. Het werk van Evans voor de Farm Resettlement Administration (FSA) verscheen regelmatig in dit tijdschrift. Misschien lazen de jonge tieners in die tijd, zoals Warhol, Rauschenberg en Lichtenstein ook Fortune raakten zij erdoor geïnspireerd.

Walker Evans’ elegante en heldere fotografie beïnvloedde een groot aantal fotografen zoals Helen Levitt, Robert Frank, Diane Arbus, Lee Friedlander, Bernd en Hilla Becher en The New Topographics.

Het boek dat hij in 1942 maakte met de schrijver James Agee, Let US Now Praise Famous Men wordt algemeen beschouwd als de bijbel van de moderne documentaire fotografie.

Voor de beeldtaal is Evans in ieder geval een onmisbare schakel geweest. Berenice Abbott heeft Eugène Atget als naam groot gemaakt. Maar het was Walker Evans die Atget’s Parijse grafische straatelementen tot popart omvormde. Hij legde hiermee het fundament waar fotografie al sinds haar geboorte naar op zoek was: een terechte plek binnen de Kunst met hoofdletter K.

Ben je geïnteresseerd in de fotografische beeldtaal? Kijk eens op Visual Storytelling.

Geef een antwoord